Algemene Voorwaarden

ALGEMENE VOORWAARDEN VERHUUR VOERTUIGEN

ARTIKEL 1 – TOEPASSELIJKHEID

Deze Algemene Voorwaarden zijn van toepassing op alle overeenkomsten van huur en verhuur van de voertuigen, inclusief alle eventuele accessoires, die tussen verhuurder en huurder worden gesloten.

 

ARTIKEL 2 – ALGEMEEN

  1. Het voertuig wordt enkel verhuurd aan een persoon die in het bezit is van minimaal een B-rijbewijs en met een minimale leeftijd van 18 jaar.
  2. Voor aanvang van de huur dient de huurder de volgende geldige documenten over te leggen:
    1. geldig rijbewijs;
    2. geldig legitimatiebewijs (anders dan een rijbewijs).

 

 

ARTIKEL 3 – DE OVEREENKOMST

  1. De overeenkomst komt tot stand door een aanbod van verhuurder en aanvaarding van dit aanbod door huurder. Een mondelinge overeenkomst tussen verhuurder en huurder dient schriftelijk te worden bevestigd door de verhuurder.
  2. De overeenkomst bevat een volledige en duidelijke omschrijving van de huurtermijn, de huursom en de mogelijk bijkomende kostenelementen. Tevens vermeldt de overeenkomst de waarborgsom, het aanbetaalde bedrag, het restantbedrag en de wijze waarop en wanneer het restantbedrag dient te worden voldaan.
  3. De overeenkomst bevat de gegevens van de verhuurder en de telefoonnummers waarop de verhuurder te bereiken is.
  4. De overeenkomst bevat de wijze van betaling.
  5. De overeenkomst bevat de van toepassing zijnde Algemene Voorwaarden Verhuur Voertuigen.
  6. De huurovereenkomst wordt aangegaan voor de periode en het tarief zoals op de huurovereenkomst vermeld. De huurovereenkomst vermeldt tevens het tijdstip van begin en einde van de huurperiode.

 

 

ARTIKEL 4 – DE HUURPERIODE

  1. Huurder is verplicht het voertuig uiterlijk op de dag en op het tijdstip waarop de huurperiode eindigt, aan het op de huurovereenkomst vermelde adres terug te bezorgen. Verhuurder is verplicht om het voertuig, tijdens openingstijden, in ontvangst te nemen.
  2. Op het voornoemde lid kan een in overleg tussen verhuurder en huurder een uitzondering gemaakt worden. Deze uitzondering dient schriftelijk vastgelegd en door zowel verhuurder als huurder ondertekend te worden.
  3. Het voertuig dient te worden teruggebracht tijdens de openingstijden van verhuurder. Het voertuig mag slechts met toestemming van de verhuurder worden teruggebracht buiten openingstijden.
  4. Afspraken over het eerder terugbrengen van het voertuig binnen de overeengekomen huurperiode zijn vrijblijvend.
  5. Indien het voertuig niet na afloop van de (eventueel verlengde) huurperiode is ingeleverd op de afgesproken wijze en op de afgesproken plaats, is de verhuurder gerechtigd het voertuig onmiddellijk terug te (laten) nemen. De uit deze overeenkomst voortvloeiende verplichtingen van huurder blijven onverkort van kracht tot het moment dat het voertuig weer in het bezit is van verhuurder.
  6. Indien huurder het voertuig niet tijdig heeft ingeleverd, is verhuurder gerechtigd de huurder 20% van de daghuurprijs in rekening te brengen voor elk uur waarmee de huurperiode wordt overschreden. Indien de overschrijding meer dan 5 uur bedraagt kan verhuurder maximaal 1½ keer de daghuurprijs in rekening brengen aan huurder, onverminderd de verplichting van huurder tot vergoeding van de door verhuurder geleden en nog te lijden (omzet)schade.
  7. De verhoging van de huurprijs geldt niet indien huurder kan aantonen dat de overschrijding van de huurtermijn te wijten is aan overmacht.

 

ARTIKEL 5 – DE PRIJS EN DE PRIJSWIJZIGINGEN

  1. De huursom en de eventueel bijkomende kostenelementen zoals prijs per kilometer worden vooraf overeengekomen evenals de eventuele bevoegdheid tot tussentijdse prijswijziging. De verhuurder draagt er zorg voor dat de huursom op deugdelijke wijze op de huurovereenkomst vermeld staat.
  2. Vaststelling van het aantal gereden kilometers gebeurt aan de hand van de kilometerteller, tenzij de kilometerteller defect is geraakt. Indien de kilometerteller defect raakt dient dit door huurder onmiddellijk aan verhuurder kenbaar te worden gemaakt. De kilometers die na het defect gaan van de kilometerteller zijn gereden worden op de meest gerede wijze vastgesteld.
  3. Ten tijde van de huurperiode zijn de aan het gebruik van het voertuig verbonden kosten, zoals tolgelden, Eurovignet en de kosten voor brandstof, reiniging en parkeren voor rekening van de huurder.
  4. Onverminderd diens gehoudenheid tot schadevergoeding indien daartoe gronden bestaan, kunnen huurder geen kosten in rekening gebracht worden die niet overeengekomen zijn.

 

 

ARTIKEL 6 – BETALING HUURPRIJS

  1. De overeengekomen huurprijs wordt in beginsel altijd voorafgaand aan de huurperiode betaald, tenzij schriftelijk anders tussen partijen is overeengekomen. Tevens dient voorafgaand aan de huurperiode een waarborgsom te worden voldaan ter zake van het eigen risico.
  2. De waarborgsom wordt geretourneerd onder verrekening van de nog openstaande kosten zodra het voertuig is ingeleverd, tenzij er sprake is van schade voor de verhuurder. In geval van schade van de verhuurder wordt de waarborgsom geretourneerd voor zover deze het bedrag waarvoor huurder aansprakelijk is, overschrijdt. Deze retournering zal plaatsvinden zodra duidelijk is dat van een dergelijke overschrijding sprake is. Indien slechts sprake is van schade aan het voertuig, zal de retournering in ieder geval plaatsvinden binnen 2 maanden. Indien er ook sprake is van schade aan derden zal retournering plaatsvinden binnen 6 maanden.
  3. In het geval de schade van de verhuurder is veroorzaakt door deren en verhuurder de schade volledig op deze derden heeft verhaald, zal de waarborgsom binnen 14 dagen na het verhaal van de schade aan huurder worden geretourneerd. Verhuurder zal zich inspannen om schade veroorzaakt door derden zo spoedig mogelijk te verhalen. De verhuurder houdt huurder op de hoogte van de ontwikkelingen hieromtrent.
  4. Indien schriftelijk is overeengekomen dat de huurder achteraf de huurprijs mag voldoen, dient de huurder uiterlijk op de afgesproken datum te betalen. In het geval huurder niet op tijd betaalt, is hij van rechtswege in verzuim. Indien huurder niet betaalt zendt verhuurder na het verstrijken van die datum een eerste kosteloze betalingsherinnering waarin verhuurder huurder de gelegenheid geeft om binnen veertien dagen na ontvangst van deze betalingsherinnering het openstaande bedrag alsnog te betalen.
  5. Als na het verstrijken van de betalingsherinnering nog steeds niet door huurder is betaald, is verhuurder gerechtigd rente in rekening te brengen vanaf het moment huurder in verzuim is komen te verkeren. Deze rente is gelijk aan de wettelijke rente. Indien verhuurder gerechtelijke en/of buitengerechtelijke kosten maakt om betaling van de schuld af te dwingen, kunnen deze kosten in rekening worden gebracht aan huurder. De hoogte van deze kosten is onderworpen aan wettelijke grenzen; hiervan kan in het voordeel van huurder worden afgeweken.

 

 

ARTIKEL 7 – DE HUURPERIODE

  1. Huurder is verplicht het voertuig uiterlijk op de dag en op het tijdstip waarop de huurperiode eindigt, aan het op de huurovereenkomst vermelde adres terug te bezorgen. Verhuurder is verplicht om het voertuig, tijdens openingstijden, in ontvangst te nemen.
  2. Op het voornoemde lid kan een in overleg tussen verhuurder en huurder een uitzondering gemaakt worden. Deze uitzondering dient schriftelijk vastgelegd en door zowel verhuurder als huurder ondertekend te worden.
  3. Het voertuig dient te worden teruggebracht tijdens de openingstijden van verhuurder. Het voertuig mag slechts met toestemming van de verhuurder worden teruggebracht buiten openingstijden.
  4. Afspraken over het eerder terugbrengen van het voertuig binnen de overeengekomen huurperiode zijn vrijblijvend.
  5. Indien het voertuig niet na afloop van de (eventueel verlengde) huurperiode is ingeleverd op de afgesproken wijze en op de afgesproken plaats, is de verhuurder gerechtigd het voertuig onmiddellijk terug te (laten) nemen. De uit deze overeenkomst voortvloeiende verplichtingen van huurder blijven onverkort van kracht tot het moment dat het voertuig weer in het bezit is van verhuurder.
  6. Indien huurder het voertuig niet tijdig heeft ingeleverd, is verhuurder gerechtigd de huurder 20% van de daghuurprijs in rekening te brengen voor elk uur waarmee de huurperiode wordt overschreden. Indien de overschrijding meer dan 5 uur bedraagt kan verhuurder maximaal 1½ keer de daghuurprijs in rekening brengen aan huurder, onverminderd de verplichting van huurder tot vergoeding van de door verhuurder geleden en nog te lijden (omzet)schade.
  7. De verhoging van de huurprijs geldt niet indien huurder kan aantonen dat de overschrijding van de huurtermijn te wijten is aan overmacht.

 

 

ARTIKEL 8 – ANNULERING

  1. Annulering van de huurovereenkomst is alleen dan mogelijk indien er schriftelijk een annuleringsregeling is overeengekomen tussen verhuurder en huurder. Zonder schriftelijk annuleringsregeling dient de in het contract overeengekomen huurprijs voor de totaal overeengekomen huurperiode te worden betaald aan de verhuurder.
  2. Indien een overeenkomst wordt geannuleerd, is de huurder de volgende annuleringskosten verschuldigd:
    1. Bij annulering tot de 28edag (exclusief 28edag) voor de dag van verhuur: de aanbetaling met een maximum van 20% van de totale huursom;
    2. Bij annulering vanaf de 28edag (inclusief 28edag) tot de 14edag (exclusief de 14edag) voor de dag van de huursom: 40% van de totale huursom;
    3. Bij annulering vanaf de 14edag (inclusief de 14edag) tot de 5edag (exclusief de 5edag) voor de dag van de verhuur: 75% van de totale huursom;
    4. Bij annulering vanaf de 5edag (inclusief de 5edag) tot de dag van verhuur: 90% van de totale huursom;
    5. Bij annulering op de dag van de verhuur of later tijdstip: de volledige huursom.
  3. Annulering die worden gedaan buiten kantooruren (08.00 uur tot 17.00 uur) worden geacht te zijn verricht op de eerstvolgende kalenderdag.

 

 

ARTIKEL 9 – VERPLICHTINGEN HUURDER

  1. De huurder zal erop toezien dat de bestuurder van het voertuig geen alcohol, drugs of anders substanties, die de rijvaardigheid kunnen beïnvloeden tot zich neemt alvorens het voertuig te besturen.
  2. Roken is niet toegestaan in het voertuig. Indien in het voertuig wel is gerookt wordt er € 100,- exclusief btw aan schoonmaakkosten in rekening gebracht.
  3. Huurder zal voorzichtig en verantwoordelijk met het voertuig omgaan en de verkeersregels, in het bijzonder de verkeersregels met betrekking tot de maximumsnelheid, in acht nemen.
  4. Boetes gereden met en schades gereden met of aan het voertuig om welke oorzaak dan ook worden direct aan huurder in rekening gebracht. Voor schades geldt een eigen risico van € 750,- inclusief btw per schadegeval. Boetes worden door gefactureerd aan huurder, vermeerderd met € 5,- verwerkingskosten.
  5. Huurder is zich welbewust van de hoogte van het voertuig. Huurder is verantwoordelijk bij schade die is ontstaan door (niet goed inschatten van) de hoogte van het voertuig.
  6. Het is huurder niet toegestaan het voertuig weder te verhuren of anderszins aan een ander in gebruik te geven.
  7. Het is huurder niet toegestaan lifters of dieren in het voertuig mee te nemen, het voertuig te gebruiken voor rijlessen of met het voertuig wedstrijden, snelheids-, rijvaardigheids-, of betrouwbaarheidsproeven te houden.
  8. In het geval van pech dient de huurder direct contact op te nemen met verhuurder. Wanneer huurder betrokken raakt bij een ongeval dient huurder de in het voertuig aanwezige verzekeringspapieren in te vullen.
  9. Op het moment dat huurder het voertuig ophaalt bij verhuurder is de brandstoftank van het voertuig volledig gevuld. Bij inlevering van het voertuig dient de brandstoftank tevens volledig gevuld te worden geretourneerd. In het geval de brandstoftank niet volledig gevuld is bij terugkomst worden de brandstofkosten, vermeerderd met € 25,- exclusief btw aan handelingskosten, in rekening gebracht aan huurder.
  10. Het voertuig wordt door verhuurder schoon aan huurder afgeleverd. Huurder dient het voertuig bij terugkomst in dezelfde, schone staat af te leveren. Indien het voertuig niet schoon wordt ingeleverd wordt er een bedrag van € 25,- exclusief btw in rekening gebracht.

 

 

ARTIKEL 10 – INSTRUCTIES VOOR DE HUURDER

  1. Huurder dient het oliepeil en de bandenspanning op niveau te (laten) houden indien onverhoopt blijkt dat het niveau dusdanig laag is dat actie vereist is.
  2. Huurder dient de door verhuurder aangegeven, voor het voertuig geschikte, brandstof te tanken met – indien vereist – de door verhuurder aangegeven vereiste toevoegingen.
  3. In het geval sprake is van voor huurder kenbare of waarneembare defecten, schade aan of met het voertuig aangebracht of bij vermissing van het voertuig is huurder verplicht om:
    1. hier zo spoedig mogelijk melding van te maken;
    2. de instructies van de verhuurder op te volgen;
  • gevraagd en ongevraagd alle inlichtingen en stukken die op de gebeurtenis betrekking hebben aan verhuurder of diens verzekeraar te verstrekken;
  1. het voertuig niet achter te laten zonder het behoorlijk tegen het risico van beschadiging of vermissing beschermd te hebben;
  2. de verhuurder en door de verhuurder aangewezen personen alle gevraagde medewerking te verlenen ter verkrijging van schadevergoeding van derden of als verweer tegen aanspraken van derden.
  1. Bij ongevallen, beschadiging of vermissing is huurder daarnaast verplicht:
    1. melding te doen bij de politie ter plaatse;
    2. zo spoedig mogelijk een volledig ingevuld en ondertekend schadeformulier aan verhuurder over te leggen;
  • zich van erkenning van schuld in enigerlei vorm te onthouden.
  1. Huurder is verplicht de verplichtingen én verboden van dit artikel op te leggen aan bestuurder, passagiers en andere gebruikers van het voertuig en is verplicht toe te zien op de nakoming daarvan.
  2. Het is huurder niet toegestaan om met het voertuig zaken te vervoeren met een gezamenlijke waarde van meer dan € 10.000,-, tenzij tussen partijen anders (schriftelijk) is overeengekomen.
  3. Huurder dient verhuurder zo spoedig mogelijk te informeren over:
    1. storingen aan de kilometerteller, zodra huurder er redelijkerwijs vanuit mag en kan gaan dat sprake is van een storing;
    2. het optreden van een gebeurtenis waardoor schade aan, met of door het voertuig ontstaat of redelijkerwijs kan ontstaan;
  • defect raken van het voertuig;
  1. vermissing van of anderszins verlies van de macht over het voertuig, onderdelen en toebehoren daarvan;
  1. Indien verhuurder inlichtingen aan autoriteiten dient te verstrekken over de identiteit van de persoon die op enig moment het voertuig heeft bestuurd of gebruikt, dient huurder in verband daarmee gestelde vragen van verhuurder zo spoedig mogelijk te beantwoorden.

 

 

ARTIKEL 11 – VERPLICHTINGEN VERHUURDER

  1. De verhuurder levert het voertuig met de overeengekomen accessoires en specificaties en voorzien van de Nederland verplichte uitrusting. Verder is het voertuig schoon, goed onderhouden, beschikt het over een volledig gevulde brandstoftank en levert verhuurder, voor zover verhuurder kenbaar is of zou moeten zijn, het voertuig in technische goede conditie af.
  2. Verhuurder vult samen met huurder voorafgaand aan de verhuur een document op waarop eventuele schade die zich aan het voertuig bevindt, wordt aangegeven zodat achteraf geen twijfel kan bestaan.
  3. Verhuurder overhandigt huurder voorafgaand aan de huurperiode de vereiste documenten of zorgt ervoor dat de vereiste documenten in het voertuig aanwezig zijn.
  4. Verhuurder inspecteert het voertuig direct bij inlevering door huurder op eventuele schade.

 

 

 

ARTIKEL 12 – AANSPRAKELIJKHEID HUURDER VOOR SCHADE

  1. Huurder is in geval van schade van de verhuurder per schadegeval aansprakelijk tot het op het huurcontract vermelde eigen risico.
  2. Indien de schade evenwel is ontstaan ten gevolge van handelen of nalaten in strijd met artikel 9 en 10, is huurder volledig aansprakelijk voor schade van de verhuurder, tenzij hij bewijst dat dit handelen of nalaten hem niet toegerekend kan worden of wanneer volledige vergoeding naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn.
  3. Indien het voertuig met toestemming van de verhuurder wordt teruggebracht buiten de openingstijden van verhuurder en/of op een nader overeengekomen plaats niet zijnde de bedrijfslocatie van verhuurder ter beschikking wordt gesteld voor afhalen door de verhuurder, blijft huurder overeenkomstig het eerste en het tweede lid van dit artikel aansprakelijk voor de schade van de verhuurder tot het tijdstip waarop verhuurder feitelijk het voertuig heeft geïnspecteerd of heeft laten inspecteren. Verhuurder zal in de hier genoemde situaties het voertuig bij eerste gelegenheid inspecteren en zal huurder direct informeren indien schade is geconstateerd.
  4. In geval van schade aan het voertuig in het buitenland zijn de kosten van repatriëring van het voertuig voor rekening van verhuurder, tenzij het tweede lid van dit artikel van toepassing is.
  5. Huurder is aansprakelijk voor de gedragingen en het nalaten van de bestuurder, passagiers en andere gebruikers van het voertuig, ook indien deze niet de instemming hiervoor van huurder hadden.
  6. De schade ten gevolge van de onmogelijkheid het voertuig tijdens de periode van herstel of vervanging te verhuren wordt bepaald en vergoed door de huurder. De schade wordt berekend door de periode te vermenigvuldigen met de huurprijs per dag.

 

 

ARTIKEL 13 – GEBREKEN AAN HET VOERTUIG EN AANSPRAKELIJKHEID VAN DE VERHUURDER

  1. Verhuurder is verplicht op verlangen van huurder gebreken te verhelpen, tenzij dit onmogelijk is of uitgaven vereist die in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs niet van verhuurder zijn te vergen. Deze verplichting geldt niet indien huurder jegens verhuurder aansprakelijk is voor het ontstaan van het gebrek en/of voor het gevolg van het gebrek.
  2. Verhuurder is niet aansprakelijk voor schade aan vervoerde zaken als gevolg van een gebrek aan het voertuig voor zover de totale waarde van die vervoerde zaken meer bedraagt dan € 10.000,-, tenzij overeenkomstig het bepaalde in artikel 10 lid 6 een hoger bedrag is overeengekomen. Voor personenschade is verhuurder niet aansprakelijk als en voor zover de benadeelde zijn schade heeft kunnen verhalen op uitkering krachtens schadeverzekering of verstrekkingen uit anderen hoofde.
  3. Het bepaalde in het vorige lid geldt niet voor zover het gaat om gebreken die de verhuurder bij het aangaan van de overeenkomst kende of had behoren te kennen of terzake van het ontstaan waarvan de verhuurder opzet of grove schuld is te verwijten.
  4. Indien verder rijden met het voertuig onmogelijk is ten gevolge van een defect aan het voertuig dat reeds bij aanvang van de huur aanwezig was, heeft de huurder recht op vervangend vervoer. Indien verder rijden onmogelijk is ten gevolge van enige andere oorzaak, heeft de huurder geen recht op vervangend vervoer.

 

 

ARTIKEL 14 – REPARATIES EN ONDERHOUDSBEURTEN

  1. De kosten van reparatiewerkzaamheden en onderhoudsbeurten die tijdens de huurperiode noodzakelijk zijn, komen voor rekening van verhuurder, tenzij deze kosten krachtens enige bepaling van deze overeenkomst of de wet voor rekening van huurder dienen te komen.
  2. Onderhouds- en reparatiewerkzaamheden dienen in het bedrijf van verhuurder of de garage naar keuze van verhuurder te worden uitgevoerd. Indien dit redelijkerwijs niet mogelijk is,

dient in overleg met de verhuurder een passend garagebedrijf te worden overeengekomen. De huurder moet vooraf een prijsopgave vragen bij de garage en verhuurder dient vooraf goedkeuring te verlenen. Zonder schriftelijke goedkeuring van verhuurder komen de kosten voor rekening van huurder.

ARTIKEL 14 – OVERHEIDSMAATREGELEN EN INFORMATIE AAN AUTORITEITEN

  1. Voor rekening van huurder zijn alle sancties en gevolgen van maatregelen die in verband met het ter beschikking hebben door huurder c.q. gebruiker van het voertuig van overheidswege worden opgelegd, tenzij deze verband houden met een defect dat bij aanvang van de huur reeds aanwezig was of de sancties verband houden met omstandigheden die in de risicosfeer van verhuurder liggen.
  2. Indien deze sancties en maatregelen aan verhuurder worden opgelegd, is huurder gehouden verhuurder op diens eerste verzoek schadeloos te stellen, waarbij huurder aanvullend de kosten van administratie verschuldigd wordt, zulks met een minimum van € 25,- inclusief btw. Verhuurder dient die kosten zoveel mogelijk te beperken. Indien verhuurder in verband met enige gedraging of nalaten van huurder, zoals een verkeersovertreding, informatie aan autoriteiten verstrekt, is huurder gehouden de daarmee gepaard gaande kosten te vergoeden, met een minimum van € 25,- inclusief btw.
  3. Desgevraagd krijgt huurder een kopie van het officiële document waarmee de sanctie is opgelegd.

 

 

ARTIKEL 15 – BESLAG OP HET VOERTUIG

  1. Ingeval van administratief-, civiel-, of strafrechtelijk beslag op het voertuig blijft huurder gehouden tot nakoming van de verplichtingen van de huurovereenkomst, waaronder die tot betaling van de huursom, tot het moment waarop het voertuig vrij van beslagen weer in het bezit van verhuurder is, tenzij het beslag verband houdt met omstandigheden die in de risicosfeer van de verhuurder liggen.
  2. Huurder is gehouden verhuurder schadeloos te stellen voor alle uit het beslag voortvloeiende kosten.

 

ARTIKEL 16 – ONTBINDING HUUR DOOR VERHUURDER

  1. Verhuurder is gerechtigd de huurovereenkomst zonder ingebrekestelling of rechterlijk tussenkomst te beëindigen en zich weer in het bezit van het voertuig te stellen onverminderd zijn recht op vergoeding van kosten, schade en rente indien:
    1. huurder tijdens de huurperiode een of meer van zijn verplichtingen niet, niet tijdig of niet volledig nakomt tenzij deze tekortkoming de ontbinding van de huur niet rechtvaardigt;
    2. huurder overlijdt, onder curatele wordt gesteld, surseance van betaling aanvraagt, in staat van faillissement wordt verklaart, ten aanzien van hem de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP) van toepassing wordt verklaard;
    3. verhuurder van het bestaan van omstandigheden weet krijgt, die van dien aard zijn dat indien verhuurder hiervan op de hoogte was geweest, hij de huurovereenkomst niet was aangegaan.
  2. Huurder zal alle medewerking aan verhuurder verlenen om zich weer in het bezit van het voertuig te doen stellen;
  3. Indien huurder overlijdt voordat de huurperiode aanvangt, is de huurovereenkomst zonder ingebrekestelling of rechterlijke tussenkomst ontbonden.
  4. Verhuurder is niet aansprakelijk voor schade ten gevolge van ontbinding op grond van dit artikel.

 

ARTIKEL 17 – VERWERKING PERSOONSGEGEVENS HUURDER EN BESTUURDER

  1. De persoonsgegevens die worden vermeld op het contract worden door verhuurder als verantwoordelijke in de zin van de Wet Bescherming Persoonsgegevens verwerkt in een persoonsregistratie. Aan de hand van deze verwerking kan verhuurder uitvoering geven aan artikel 13 van deze voorwaarden, de overeenkomst uitvoeren, huurder of verhuurder optimale service en actuele productinformatie geven en huurder of bestuurder gepersonaliseerde aanbiedingen doen.
  2. De persoonsgegevens kunnen tevens worden doorgegeven aan gerechtsdeurwaarders indien sprake is van tanken zonder betaling. Huurder en bestuurder kunnen om inzage en correctie met betrekking tot de verwerkte persoonsgegevens verzoeken en verzet aantekenen.

 

 

ARTIKEL 18 – TOEPASSELIJK RECHT

De huurovereenkomst wordt beheerst door Nederlands recht, tenzij op grond van dwingend recht het recht van een ander land van toepassing moet worden verklaard.